HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← sjouwen — definition

Conjugation of sjouwen

Regular CEFR C2
ˈʃɑu̯ə(n)

lopen met een zware lading Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik sjouw
jij / je sjouwt
hij / zij / het sjouwt
wij / we sjouwen
jullie sjouwen
zij / ze sjouwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik sjouwde
jij / je sjouwde
hij / zij / het sjouwde
wij / we sjouwden
jullie sjouwden
zij / ze sjouwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik sjouwe
jij / je sjouwe
hij / zij / het sjouwe
wij / we sjouwen
jullie sjouwen
zij / ze sjouwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik sjouwde
jij / je sjouwde
hij / zij / het sjouwde
wij / we sjouwden
jullie sjouwden
zij / ze sjouwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij sjouw
jullie (archaïsch) sjouwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
sjouwen
Tegenwoordig deelwoord
sjouwend
Voltooid deelwoord
gesjouwd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary