HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← sjoelen — definición

Conjugation of sjoelen

Regular CEFR B1

een oud-Hollands gezelschapsspel gespeeld door houten schijven over de houten ondergrond van een sjoelbak te schuiven Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik sjoel
jij / je sjoelt
hij / zij / het sjoelt
wij / we sjoelen
jullie sjoelen
zij / ze sjoelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik sjoelde
jij / je sjoelde
hij / zij / het sjoelde
wij / we sjoelden
jullie sjoelden
zij / ze sjoelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik sjoele
jij / je sjoele
hij / zij / het sjoele
wij / we sjoelen
jullie sjoelen
zij / ze sjoelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik sjoelde
jij / je sjoelde
hij / zij / het sjoelde
wij / we sjoelden
jullie sjoelden
zij / ze sjoelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij sjoel
jullie (archaïsch) sjoelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
sjoelen
Tegenwoordig deelwoord
sjoelend
Voltooid deelwoord
gesjoeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary