HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← situeren — definition

Conjugation of situeren

Regular CEFR B2

plaatsen (in ruimte of tijd) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik situeer
jij / je situeert
hij / zij / het situeert
wij / we situeren
jullie situeren
zij / ze situeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik situeerde
jij / je situeerde
hij / zij / het situeerde
wij / we situeerden
jullie situeerden
zij / ze situeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik situere
jij / je situere
hij / zij / het situere
wij / we situeren
jullie situeren
zij / ze situeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik situeerde
jij / je situeerde
hij / zij / het situeerde
wij / we situeerden
jullie situeerden
zij / ze situeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij situeer
jullie (archaïsch) situeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
situeren
Tegenwoordig deelwoord
situerend
Voltooid deelwoord
gesitueerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary