HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← serveren — definition

Conjugation of serveren

Regular CEFR C1
sɛrˈverə(n)

iets op tafel opdienen, meestal als onderdeel (gang [3]) van een maaltijd Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik serveer
jij / je serveert
hij / zij / het serveert
wij / we serveren
jullie serveren
zij / ze serveren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik serveerde
jij / je serveerde
hij / zij / het serveerde
wij / we serveerden
jullie serveerden
zij / ze serveerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik servere
jij / je servere
hij / zij / het servere
wij / we serveren
jullie serveren
zij / ze serveren
Aanvoegende wijs — verleden
ik serveerde
jij / je serveerde
hij / zij / het serveerde
wij / we serveerden
jullie serveerden
zij / ze serveerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij serveer
jullie (archaïsch) serveert

Onbepaalde vormen

Infinitief
serveren
Tegenwoordig deelwoord
serverend
Voltooid deelwoord
geserveerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary