HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← scoren — definición

Conjugation of scoren

Regular CEFR B2
/ˈskoː.rə(n)/

een doelpunt maken (met name tijdens een voetbalwedstrijd) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik scoor
jij / je scoort
hij / zij / het scoort
wij / we scoren
jullie scoren
zij / ze scoren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik scoorde
jij / je scoorde
hij / zij / het scoorde
wij / we scoorden
jullie scoorden
zij / ze scoorden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik score
jij / je score
hij / zij / het score
wij / we scoren
jullie scoren
zij / ze scoren
Aanvoegende wijs — verleden
ik scoorde
jij / je scoorde
hij / zij / het scoorde
wij / we scoorden
jullie scoorden
zij / ze scoorden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij scoor
jullie (archaïsch) scoort

Onbepaalde vormen

Infinitief
scoren
Tegenwoordig deelwoord
scorend
Voltooid deelwoord
gescoord

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary