HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← schimmelen — definición

Conjugation of schimmelen

Regular CEFR B2
/ˈsxɪmələ(n)/

met schimmel bedekt raken, beschimmelen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik schimmel
jij / je schimmelt
hij / zij / het schimmelt
wij / we schimmelen
jullie schimmelen
zij / ze schimmelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik schimmelde
jij / je schimmelde
hij / zij / het schimmelde
wij / we schimmelden
jullie schimmelden
zij / ze schimmelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik schimmele
jij / je schimmele
hij / zij / het schimmele
wij / we schimmelen
jullie schimmelen
zij / ze schimmelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik schimmelde
jij / je schimmelde
hij / zij / het schimmelde
wij / we schimmelden
jullie schimmelden
zij / ze schimmelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij schimmel
jullie (archaïsch) schimmelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
schimmelen
Tegenwoordig deelwoord
schimmelend
Voltooid deelwoord
geschimmeld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary