HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← saneren — definición

Conjugation of saneren

Regular CEFR B1
/saːˈneː.rə(n)/

met behulp van ingrijpende maatregelen een einde maken aan een ongezonde financiële toestand Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik saneer
jij / je saneert
hij / zij / het saneert
wij / we saneren
jullie saneren
zij / ze saneren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik saneerde
jij / je saneerde
hij / zij / het saneerde
wij / we saneerden
jullie saneerden
zij / ze saneerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik sanere
jij / je sanere
hij / zij / het sanere
wij / we saneren
jullie saneren
zij / ze saneren
Aanvoegende wijs — verleden
ik saneerde
jij / je saneerde
hij / zij / het saneerde
wij / we saneerden
jullie saneerden
zij / ze saneerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij saneer
jullie (archaïsch) saneert

Onbepaalde vormen

Infinitief
saneren
Tegenwoordig deelwoord
sanerend
Voltooid deelwoord
gesaneerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary