HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← salderen — definition

Conjugation of salderen

Regular CEFR B2

plussen en minnen tegen elkaar wegstrepen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik saldeer
jij / je saldeert
hij / zij / het saldeert
wij / we salderen
jullie salderen
zij / ze salderen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik saldeerde
jij / je saldeerde
hij / zij / het saldeerde
wij / we saldeerden
jullie saldeerden
zij / ze saldeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik saldere
jij / je saldere
hij / zij / het saldere
wij / we salderen
jullie salderen
zij / ze salderen
Aanvoegende wijs — verleden
ik saldeerde
jij / je saldeerde
hij / zij / het saldeerde
wij / we saldeerden
jullie saldeerden
zij / ze saldeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij saldeer
jullie (archaïsch) saldeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
salderen
Tegenwoordig deelwoord
salderend
Voltooid deelwoord
gesaldeerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary