HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← rouwen — definition

Conjugation of rouwen

Regular CEFR C1
ˈrɑu̯ə(n)

de emotionele nasleep van het overlijden van een geliefd persoon Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik rouw
jij / je rouwt
hij / zij / het rouwt
wij / we rouwen
jullie rouwen
zij / ze rouwen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik rouwde
jij / je rouwde
hij / zij / het rouwde
wij / we rouwden
jullie rouwden
zij / ze rouwden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik rouwe
jij / je rouwe
hij / zij / het rouwe
wij / we rouwen
jullie rouwen
zij / ze rouwen
Aanvoegende wijs — verleden
ik rouwde
jij / je rouwde
hij / zij / het rouwde
wij / we rouwden
jullie rouwden
zij / ze rouwden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij rouw
jullie (archaïsch) rouwt

Onbepaalde vormen

Infinitief
rouwen
Tegenwoordig deelwoord
rouwend
Voltooid deelwoord
gerouwd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary