HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← roosteren — definition

Conjugation of roosteren

Regular CEFR C2
ˈroːs.tə.rə(n)

in de gloed van een vuur of andere warmtebron gaar laten worden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik rooster
jij / je roostert
hij / zij / het roostert
wij / we roosteren
jullie roosteren
zij / ze roosteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik roosterde
jij / je roosterde
hij / zij / het roosterde
wij / we roosterden
jullie roosterden
zij / ze roosterden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik roostere
jij / je roostere
hij / zij / het roostere
wij / we roosteren
jullie roosteren
zij / ze roosteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik roosterde
jij / je roosterde
hij / zij / het roosterde
wij / we roosterden
jullie roosterden
zij / ze roosterden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij rooster
jullie (archaïsch) roostert

Onbepaalde vormen

Infinitief
roosteren
Tegenwoordig deelwoord
roosterend
Voltooid deelwoord
geroosterd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary