HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ritselen — definición

Conjugation of ritselen

Regular CEFR C2

een zacht ruisend geluid doen horen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ritsel
jij / je ritselt
hij / zij / het ritselt
wij / we ritselen
jullie ritselen
zij / ze ritselen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ritselde
jij / je ritselde
hij / zij / het ritselde
wij / we ritselden
jullie ritselden
zij / ze ritselden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ritsele
jij / je ritsele
hij / zij / het ritsele
wij / we ritselen
jullie ritselen
zij / ze ritselen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ritselde
jij / je ritselde
hij / zij / het ritselde
wij / we ritselden
jullie ritselden
zij / ze ritselden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ritsel
jullie (archaïsch) ritselt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ritselen
Tegenwoordig deelwoord
ritselend
Voltooid deelwoord
geritseld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary