HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← rioleren — definición

Conjugation of rioleren

Regular CEFR B2
/ˌri.oːˈleː.rə(n)/

van een afvoer van vloeibaar afval voorzien Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik rioleer
jij / je rioleert
hij / zij / het rioleert
wij / we rioleren
jullie rioleren
zij / ze rioleren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik rioleerde
jij / je rioleerde
hij / zij / het rioleerde
wij / we rioleerden
jullie rioleerden
zij / ze rioleerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik riolere
jij / je riolere
hij / zij / het riolere
wij / we rioleren
jullie rioleren
zij / ze rioleren
Aanvoegende wijs — verleden
ik rioleerde
jij / je rioleerde
hij / zij / het rioleerde
wij / we rioleerden
jullie rioleerden
zij / ze rioleerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij rioleer
jullie (archaïsch) rioleert

Onbepaalde vormen

Infinitief
rioleren
Tegenwoordig deelwoord
riolerend
Voltooid deelwoord
gerioleerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary