HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← rijen — definición

Conjugation of rijen

Regular CEFR C2
/ˈrɛi̯.ə(n)/

in een rij plaatsen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik rij
jij / je rijt
hij / zij / het rijt
wij / we rijen
jullie rijen
zij / ze rijen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik rijde
jij / je rijde
hij / zij / het rijde
wij / we rijden
jullie rijden
zij / ze rijden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik rije
jij / je rije
hij / zij / het rije
wij / we rijen
jullie rijen
zij / ze rijen
Aanvoegende wijs — verleden
ik rijde
jij / je rijde
hij / zij / het rijde
wij / we rijden
jullie rijden
zij / ze rijden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij rij
jullie (archaïsch) rijt

Onbepaalde vormen

Infinitief
rijen
Tegenwoordig deelwoord
rijend
Voltooid deelwoord
gerijd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary