HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← revalideren — definition

Conjugation of revalideren

Regular CEFR C2
ˌreː.vaː.liˈdeː.rə(n)

weer valide worden Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik revalideer
jij / je revalideert
hij / zij / het revalideert
wij / we revalideren
jullie revalideren
zij / ze revalideren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik revalideerde
jij / je revalideerde
hij / zij / het revalideerde
wij / we revalideerden
jullie revalideerden
zij / ze revalideerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik revalidere
jij / je revalidere
hij / zij / het revalidere
wij / we revalideren
jullie revalideren
zij / ze revalideren
Aanvoegende wijs — verleden
ik revalideerde
jij / je revalideerde
hij / zij / het revalideerde
wij / we revalideerden
jullie revalideerden
zij / ze revalideerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij revalideer
jullie (archaïsch) revalideert

Onbepaalde vormen

Infinitief
revalideren
Tegenwoordig deelwoord
revaliderend
Voltooid deelwoord
gerevalideerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary