HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← retireren — definition

Conjugation of retireren

Regular CEFR B2
ˌreː.tiˈreː.rə(n)

terugtrekken of vluchten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik retireer
jij / je retireert
hij / zij / het retireert
wij / we retireren
jullie retireren
zij / ze retireren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik retireerde
jij / je retireerde
hij / zij / het retireerde
wij / we retireerden
jullie retireerden
zij / ze retireerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik retirere
jij / je retirere
hij / zij / het retirere
wij / we retireren
jullie retireren
zij / ze retireren
Aanvoegende wijs — verleden
ik retireerde
jij / je retireerde
hij / zij / het retireerde
wij / we retireerden
jullie retireerden
zij / ze retireerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij retireer
jullie (archaïsch) retireert

Onbepaalde vormen

Infinitief
retireren
Tegenwoordig deelwoord
retirerend
Voltooid deelwoord
geretireerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary