HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← resulteren — definición

Conjugation of resulteren

Regular CEFR C2
/reː.zʏlˈteː.rə(n)/

tot gevolg hebben Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik resulteer
jij / je resulteert
hij / zij / het resulteert
wij / we resulteren
jullie resulteren
zij / ze resulteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik resulteerde
jij / je resulteerde
hij / zij / het resulteerde
wij / we resulteerden
jullie resulteerden
zij / ze resulteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik resultere
jij / je resultere
hij / zij / het resultere
wij / we resulteren
jullie resulteren
zij / ze resulteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik resulteerde
jij / je resulteerde
hij / zij / het resulteerde
wij / we resulteerden
jullie resulteerden
zij / ze resulteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij resulteer
jullie (archaïsch) resulteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
resulteren
Tegenwoordig deelwoord
resulterend
Voltooid deelwoord
geresulteerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary