HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← repeteren — definition

Conjugation of repeteren

Regular CEFR C1
ˌreː.pəˈteː.rə(n)

een toneel- of muziekstuk bij wijze van proef op- of uitvoeren Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik repeteer
jij / je repeteert
hij / zij / het repeteert
wij / we repeteren
jullie repeteren
zij / ze repeteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik repeteerde
jij / je repeteerde
hij / zij / het repeteerde
wij / we repeteerden
jullie repeteerden
zij / ze repeteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik repetere
jij / je repetere
hij / zij / het repetere
wij / we repeteren
jullie repeteren
zij / ze repeteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik repeteerde
jij / je repeteerde
hij / zij / het repeteerde
wij / we repeteerden
jullie repeteerden
zij / ze repeteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij repeteer
jullie (archaïsch) repeteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
repeteren
Tegenwoordig deelwoord
repeterend
Voltooid deelwoord
gerepeteerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary