HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← rennen — definition

Conjugation of rennen

Regular CEFR A2
rɛ.nə(n)

zeer snel lopen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ren
jij / je rent
hij / zij / het rent
wij / we rennen
jullie rennen
zij / ze rennen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik rende
jij / je rende
hij / zij / het rende
wij / we renden
jullie renden
zij / ze renden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik renne
jij / je renne
hij / zij / het renne
wij / we rennen
jullie rennen
zij / ze rennen
Aanvoegende wijs — verleden
ik rende
jij / je rende
hij / zij / het rende
wij / we renden
jullie renden
zij / ze renden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ren
jullie (archaïsch) rent

Onbepaalde vormen

Infinitief
rennen
Tegenwoordig deelwoord
rennend
Voltooid deelwoord
gerend

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary