HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← razen — definición

Conjugation of razen

Regular CEFR C2

voortbewegen of overtrekken van een natuurverschijnsel dat gepaard gaat met veel geweld en schade veroorzaakt Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik raas
jij / je raast
hij / zij / het raast
wij / we razen
jullie razen
zij / ze razen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik raasde
jij / je raasde
hij / zij / het raasde
wij / we raasden
jullie raasden
zij / ze raasden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik raze
jij / je raze
hij / zij / het raze
wij / we razen
jullie razen
zij / ze razen
Aanvoegende wijs — verleden
ik raasde
jij / je raasde
hij / zij / het raasde
wij / we raasden
jullie raasden
zij / ze raasden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij raas
jullie (archaïsch) raast

Onbepaalde vormen

Infinitief
razen
Tegenwoordig deelwoord
razend
Voltooid deelwoord
geraasd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary