HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← pulsen — definición

Conjugation of pulsen

Regular CEFR C2
/ˈpʏlsə(n)/

methode bij grondboringen, waarbij een buis, die van onderen open is, op diepte wordt gedrukt door grond onder uit de paal te scheppen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik puls
jij / je pulst
hij / zij / het pulst
wij / we pulsen
jullie pulsen
zij / ze pulsen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik pulste
jij / je pulste
hij / zij / het pulste
wij / we pulsten
jullie pulsten
zij / ze pulsten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik pulse
jij / je pulse
hij / zij / het pulse
wij / we pulsen
jullie pulsen
zij / ze pulsen
Aanvoegende wijs — verleden
ik pulste
jij / je pulste
hij / zij / het pulste
wij / we pulsten
jullie pulsten
zij / ze pulsten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij puls
jullie (archaïsch) pulst

Onbepaalde vormen

Infinitief
pulsen
Tegenwoordig deelwoord
pulsend
Voltooid deelwoord
gepulst

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary