HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← pruttelen — definición

Conjugation of pruttelen

Regular CEFR B2
/ˈprʏ.tə.lə(n)/

geluidjes maken met name binnensmonds mopperen of mompelen (morren) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik pruttel
jij / je pruttelt
hij / zij / het pruttelt
wij / we pruttelen
jullie pruttelen
zij / ze pruttelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik pruttelde
jij / je pruttelde
hij / zij / het pruttelde
wij / we pruttelden
jullie pruttelden
zij / ze pruttelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik pruttele
jij / je pruttele
hij / zij / het pruttele
wij / we pruttelen
jullie pruttelen
zij / ze pruttelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik pruttelde
jij / je pruttelde
hij / zij / het pruttelde
wij / we pruttelden
jullie pruttelden
zij / ze pruttelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij pruttel
jullie (archaïsch) pruttelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
pruttelen
Tegenwoordig deelwoord
pruttelend
Voltooid deelwoord
geprutteld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary