HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← programmeren — definition

Conjugation of programmeren

Regular CEFR C2

het schrijven van een computerprogramma Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik programmeer
jij / je programmeert
hij / zij / het programmeert
wij / we programmeren
jullie programmeren
zij / ze programmeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik programmeerde
jij / je programmeerde
hij / zij / het programmeerde
wij / we programmeerden
jullie programmeerden
zij / ze programmeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik programmere
jij / je programmere
hij / zij / het programmere
wij / we programmeren
jullie programmeren
zij / ze programmeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik programmeerde
jij / je programmeerde
hij / zij / het programmeerde
wij / we programmeerden
jullie programmeerden
zij / ze programmeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij programmeer
jullie (archaïsch) programmeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
programmeren
Tegenwoordig deelwoord
programmerend
Voltooid deelwoord
geprogrammeerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary