HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← profiteren — definition

Conjugation of profiteren

Regular CEFR C1

~ van baat hebben bij iets, winst boeken van iets Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik profiteer
jij / je profiteert
hij / zij / het profiteert
wij / we profiteren
jullie profiteren
zij / ze profiteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik profiteerde
jij / je profiteerde
hij / zij / het profiteerde
wij / we profiteerden
jullie profiteerden
zij / ze profiteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik profitere
jij / je profitere
hij / zij / het profitere
wij / we profiteren
jullie profiteren
zij / ze profiteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik profiteerde
jij / je profiteerde
hij / zij / het profiteerde
wij / we profiteerden
jullie profiteerden
zij / ze profiteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij profiteer
jullie (archaïsch) profiteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
profiteren
Tegenwoordig deelwoord
profiterend
Voltooid deelwoord
geprofiteerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary