HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← profeteren — definition

Conjugation of profeteren

Regular CEFR B2

de toekomst voorspellen uit naam van een godheid Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik profeteer
jij / je profeteert
hij / zij / het profeteert
wij / we profeteren
jullie profeteren
zij / ze profeteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik profeteerde
jij / je profeteerde
hij / zij / het profeteerde
wij / we profeteerden
jullie profeteerden
zij / ze profeteerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik profetere
jij / je profetere
hij / zij / het profetere
wij / we profeteren
jullie profeteren
zij / ze profeteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik profeteerde
jij / je profeteerde
hij / zij / het profeteerde
wij / we profeteerden
jullie profeteerden
zij / ze profeteerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij profeteer
jullie (archaïsch) profeteert

Onbepaalde vormen

Infinitief
profeteren
Tegenwoordig deelwoord
profeterend
Voltooid deelwoord
geprofeteerd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary