HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← proclameren — definition

Conjugation of proclameren

Regular CEFR C1

in het openbaar voorlezen of bekendmaken van iets officieels Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik proclameer
jij / je proclameert
hij / zij / het proclameert
wij / we proclameren
jullie proclameren
zij / ze proclameren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik proclameerde
jij / je proclameerde
hij / zij / het proclameerde
wij / we proclameerden
jullie proclameerden
zij / ze proclameerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik proclamere
jij / je proclamere
hij / zij / het proclamere
wij / we proclameren
jullie proclameren
zij / ze proclameren
Aanvoegende wijs — verleden
ik proclameerde
jij / je proclameerde
hij / zij / het proclameerde
wij / we proclameerden
jullie proclameerden
zij / ze proclameerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij proclameer
jullie (archaïsch) proclameert

Onbepaalde vormen

Infinitief
proclameren
Tegenwoordig deelwoord
proclamerend
Voltooid deelwoord
geproclameerd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary