HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← primeren — definición

Conjugation of primeren

Regular CEFR B2
/ˌpriˈmeː.rə(n)/

prevaleren, voorgaan Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik primeer
jij / je primeert
hij / zij / het primeert
wij / we primeren
jullie primeren
zij / ze primeren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik primeerde
jij / je primeerde
hij / zij / het primeerde
wij / we primeerden
jullie primeerden
zij / ze primeerden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik primere
jij / je primere
hij / zij / het primere
wij / we primeren
jullie primeren
zij / ze primeren
Aanvoegende wijs — verleden
ik primeerde
jij / je primeerde
hij / zij / het primeerde
wij / we primeerden
jullie primeerden
zij / ze primeerden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij primeer
jullie (archaïsch) primeert

Onbepaalde vormen

Infinitief
primeren
Tegenwoordig deelwoord
primerend
Voltooid deelwoord
geprimeerd

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary