HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← pleisteren — definition

Conjugation of pleisteren

Regular CEFR B2

een reis onderbreken om te rusten en te eten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik pleister
jij / je pleistert
hij / zij / het pleistert
wij / we pleisteren
jullie pleisteren
zij / ze pleisteren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik pleisterde
jij / je pleisterde
hij / zij / het pleisterde
wij / we pleisterden
jullie pleisterden
zij / ze pleisterden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik pleistere
jij / je pleistere
hij / zij / het pleistere
wij / we pleisteren
jullie pleisteren
zij / ze pleisteren
Aanvoegende wijs — verleden
ik pleisterde
jij / je pleisterde
hij / zij / het pleisterde
wij / we pleisterden
jullie pleisterden
zij / ze pleisterden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij pleister
jullie (archaïsch) pleistert

Onbepaalde vormen

Infinitief
pleisteren
Tegenwoordig deelwoord
pleisterend
Voltooid deelwoord
gepleisterd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary