HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← pinnen — definition

Conjugation of pinnen

Regular CEFR C2
ˈpɪnə(n)

het opnemen van geld bij een daartoe bedoeld apparaat Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik pin
jij / je pint
hij / zij / het pint
wij / we pinnen
jullie pinnen
zij / ze pinnen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik pinde
jij / je pinde
hij / zij / het pinde
wij / we pinden
jullie pinden
zij / ze pinden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik pinne
jij / je pinne
hij / zij / het pinne
wij / we pinnen
jullie pinnen
zij / ze pinnen
Aanvoegende wijs — verleden
ik pinde
jij / je pinde
hij / zij / het pinde
wij / we pinden
jullie pinden
zij / ze pinden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij pin
jullie (archaïsch) pint

Onbepaalde vormen

Infinitief
pinnen
Tegenwoordig deelwoord
pinnend
Voltooid deelwoord
gepind

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary