HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← piepen — definition

Conjugation of piepen

Regular CEFR C2
ˈpi.pə(n)

onverwacht korte tijd tevoorschijn komen (al dan niet gepaard gaand met een piepgeluid) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik piep
jij / je piept
hij / zij / het piept
wij / we piepen
jullie piepen
zij / ze piepen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik piepte
jij / je piepte
hij / zij / het piepte
wij / we piepten
jullie piepten
zij / ze piepten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik piepe
jij / je piepe
hij / zij / het piepe
wij / we piepen
jullie piepen
zij / ze piepen
Aanvoegende wijs — verleden
ik piepte
jij / je piepte
hij / zij / het piepte
wij / we piepten
jullie piepten
zij / ze piepten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij piep
jullie (archaïsch) piept

Onbepaalde vormen

Infinitief
piepen
Tegenwoordig deelwoord
piepend
Voltooid deelwoord
gepiept

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary