HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← pachten — definición

Conjugation of pachten

Regular CEFR B1

huur betalen voor het recht om een stuk land te gebruiken dat aan een ander toebehoort Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik pacht
jij / je pacht
hij / zij / het pacht
wij / we pachten
jullie pachten
zij / ze pachten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik pachtte
jij / je pachtte
hij / zij / het pachtte
wij / we pachtten
jullie pachtten
zij / ze pachtten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik pachte
jij / je pachte
hij / zij / het pachte
wij / we pachten
jullie pachten
zij / ze pachten
Aanvoegende wijs — verleden
ik pachtte
jij / je pachtte
hij / zij / het pachtte
wij / we pachtten
jullie pachtten
zij / ze pachtten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij pacht
jullie (archaïsch) pacht

Onbepaalde vormen

Infinitief
pachten
Tegenwoordig deelwoord
pachtend
Voltooid deelwoord
gepacht

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary