HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← overzeilen — definition

Conjugation of overzeilen

Regular CEFR B2
ˈoːvərˌzɛi̯.lə(n)

to crash into another vessel by sailing Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik overzeil
jij / je overzeilt
hij / zij / het overzeilt
wij / we overzeilen
jullie overzeilen
zij / ze overzeilen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik overzeilde
jij / je overzeilde
hij / zij / het overzeilde
wij / we overzeilden
jullie overzeilden
zij / ze overzeilden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik overzeile
jij / je overzeile
hij / zij / het overzeile
wij / we overzeilen
jullie overzeilen
zij / ze overzeilen
Aanvoegende wijs — verleden
ik overzeilde
jij / je overzeilde
hij / zij / het overzeilde
wij / we overzeilden
jullie overzeilden
zij / ze overzeilden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij overzeil
jullie (archaïsch) overzeilt

Onbepaalde vormen

Infinitief
overzeilen
Tegenwoordig deelwoord
overzeilend
Voltooid deelwoord
overzeild

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary