HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← overtuigen — definition

Conjugation of overtuigen

Regular CEFR B1
ˌoː.vərˈtœy̯.ɣə(n)

een ander tuig opzetten, met name bij een zeilplank Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik overtuig
jij / je overtuigt
hij / zij / het overtuigt
wij / we overtuigen
jullie overtuigen
zij / ze overtuigen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik overtuigde
jij / je overtuigde
hij / zij / het overtuigde
wij / we overtuigden
jullie overtuigden
zij / ze overtuigden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik overtuige
jij / je overtuige
hij / zij / het overtuige
wij / we overtuigen
jullie overtuigen
zij / ze overtuigen
Aanvoegende wijs — verleden
ik overtuigde
jij / je overtuigde
hij / zij / het overtuigde
wij / we overtuigden
jullie overtuigden
zij / ze overtuigden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij overtuig
jullie (archaïsch) overtuigt

Onbepaalde vormen

Infinitief
overtuigen
Tegenwoordig deelwoord
overtuigend
Voltooid deelwoord
overtuigd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary