HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← overspuiten — definition

Conjugation of overspuiten

Regular CEFR C1
ˈoːvərˌspœy̯tə(n)

to spray over, to spray across Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik overspuit
jij / je overspuit
hij / zij / het overspuit
wij / we overspuiten
jullie overspuiten
zij / ze overspuiten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik overspoot
jij / je overspoot
hij / zij / het overspoot
wij / we overspoten
jullie overspoten
zij / ze overspoten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik overspuite
jij / je overspuite
hij / zij / het overspuite
wij / we overspuiten
jullie overspuiten
zij / ze overspuiten
Aanvoegende wijs — verleden
ik overspote
jij / je overspote
hij / zij / het overspote
wij / we overspoten
jullie overspoten
zij / ze overspoten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij overspuit
jullie (archaïsch) overspuit

Onbepaalde vormen

Infinitief
overspuiten
Tegenwoordig deelwoord
overspuitend
Voltooid deelwoord
overspoten

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary