HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← overslapen — definition

Conjugation of overslapen

Regular CEFR B2
ˌoː.vərˈslaː.pə(n)

voltooid deelwoord van overslapen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik overslaap
jij / je overslaapt
hij / zij / het overslaapt
wij / we overslapen
jullie overslapen
zij / ze overslapen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik oversliep
jij / je oversliep
hij / zij / het oversliep
wij / we oversliepen
jullie oversliepen
zij / ze oversliepen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik overslape
jij / je overslape
hij / zij / het overslape
wij / we overslapen
jullie overslapen
zij / ze overslapen
Aanvoegende wijs — verleden
ik oversliepe
jij / je oversliepe
hij / zij / het oversliepe
wij / we oversliepen
jullie oversliepen
zij / ze oversliepen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij overslaap
jullie (archaïsch) overslaapt

Onbepaalde vormen

Infinitief
overslapen
Tegenwoordig deelwoord
overslapend
Voltooid deelwoord
overslapen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary