HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← overladen — definition

Conjugation of overladen

Regular CEFR C2
ˈoːvərˌlaːdə(n)

een overmaat doen belanden op iemand, gewoonlijk in overdrachtelijke zin Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik overlaad
jij / je overlaadt
hij / zij / het overlaadt
wij / we overladen
jullie overladen
zij / ze overladen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik overlaadde
jij / je overlaadde
hij / zij / het overlaadde
wij / we overlaadden
jullie overlaadden
zij / ze overlaadden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik overlade
jij / je overlade
hij / zij / het overlade
wij / we overladen
jullie overladen
zij / ze overladen
Aanvoegende wijs — verleden
ik overlaadde
jij / je overlaadde
hij / zij / het overlaadde
wij / we overlaadden
jullie overlaadden
zij / ze overlaadden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij overlaad
jullie (archaïsch) overlaadt

Onbepaalde vormen

Infinitief
overladen
Tegenwoordig deelwoord
overladend
Voltooid deelwoord
overladen

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary