HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontzouten — definición

Conjugation of ontzouten

Regular CEFR B2
/ɔntˈzɑu̯tə(n)/

van opgelost zout ontdoen, ontzilten Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontzout
jij / je ontzout
hij / zij / het ontzout
wij / we ontzouten
jullie ontzouten
zij / ze ontzouten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontzoutte
jij / je ontzoutte
hij / zij / het ontzoutte
wij / we ontzoutten
jullie ontzoutten
zij / ze ontzoutten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontzoute
jij / je ontzoute
hij / zij / het ontzoute
wij / we ontzouten
jullie ontzouten
zij / ze ontzouten
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontzoutte
jij / je ontzoutte
hij / zij / het ontzoutte
wij / we ontzoutten
jullie ontzoutten
zij / ze ontzoutten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontzout
jullie (archaïsch) ontzout

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontzouten
Tegenwoordig deelwoord
ontzoutend
Voltooid deelwoord
ontzouten

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary