HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← onttrekken — definition

Conjugation of onttrekken

Regular CEFR C2
ˌɔntˈtrɛ.kə(n)

een bijdrage of deel ergens uit verwijderen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik onttrek
jij / je onttrekt
hij / zij / het onttrekt
wij / we onttrekken
jullie onttrekken
zij / ze onttrekken
Verleden tijd (o.v.t.)
ik onttrok
jij / je onttrok
hij / zij / het onttrok
wij / we onttrokken
jullie onttrokken
zij / ze onttrokken

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik onttrekke
jij / je onttrekke
hij / zij / het onttrekke
wij / we onttrekken
jullie onttrekken
zij / ze onttrekken
Aanvoegende wijs — verleden
ik onttrokke
jij / je onttrokke
hij / zij / het onttrokke
wij / we onttrokken
jullie onttrokken
zij / ze onttrokken

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij onttrek
jullie (archaïsch) onttrekt

Onbepaalde vormen

Infinitief
onttrekken
Tegenwoordig deelwoord
onttrekkend
Voltooid deelwoord
onttrokken

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary