HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontstellen — definición

Conjugation of ontstellen

Regular CEFR B2
/ˌɔntˈstɛ.lə(n)/

in sterke mate verontrusten, van zijn stuk brengen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontstel
jij / je ontstelt
hij / zij / het ontstelt
wij / we ontstellen
jullie ontstellen
zij / ze ontstellen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontstelde
jij / je ontstelde
hij / zij / het ontstelde
wij / we ontstelden
jullie ontstelden
zij / ze ontstelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontstelle
jij / je ontstelle
hij / zij / het ontstelle
wij / we ontstellen
jullie ontstellen
zij / ze ontstellen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontstelde
jij / je ontstelde
hij / zij / het ontstelde
wij / we ontstelden
jullie ontstelden
zij / ze ontstelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontstel
jullie (archaïsch) ontstelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontstellen
Tegenwoordig deelwoord
ontstellend
Voltooid deelwoord
ontsteld

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary