HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontsieren — definition

Conjugation of ontsieren

Regular CEFR B2
ˌɔntˈsi.rə(n)

van de schoonheid beroven Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontsier
jij / je ontsiert
hij / zij / het ontsiert
wij / we ontsieren
jullie ontsieren
zij / ze ontsieren
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontsierde
jij / je ontsierde
hij / zij / het ontsierde
wij / we ontsierden
jullie ontsierden
zij / ze ontsierden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontsiere
jij / je ontsiere
hij / zij / het ontsiere
wij / we ontsieren
jullie ontsieren
zij / ze ontsieren
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontsierde
jij / je ontsierde
hij / zij / het ontsierde
wij / we ontsierden
jullie ontsierden
zij / ze ontsierden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontsier
jullie (archaïsch) ontsiert

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontsieren
Tegenwoordig deelwoord
ontsierend
Voltooid deelwoord
ontsierd

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary