HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontschijnen — definition

Conjugation of ontschijnen

Regular CEFR C1
ˌɔntˈsxɛi̯.nə(n)

to lose its shine Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontschijn
jij / je ontschijnt
hij / zij / het ontschijnt
wij / we ontschijnen
jullie ontschijnen
zij / ze ontschijnen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontscheen
jij / je ontscheen
hij / zij / het ontscheen
wij / we ontschenen
jullie ontschenen
zij / ze ontschenen

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontschijne
jij / je ontschijne
hij / zij / het ontschijne
wij / we ontschijnen
jullie ontschijnen
zij / ze ontschijnen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontschene
jij / je ontschene
hij / zij / het ontschene
wij / we ontschenen
jullie ontschenen
zij / ze ontschenen

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontschijn
jullie (archaïsch) ontschijnt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontschijnen
Tegenwoordig deelwoord
ontschijnend
Voltooid deelwoord
ontschenen

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary