HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontrusten — definición

Conjugation of ontrusten

Regular CEFR B2
/ˌɔntˈrʏs.tə(n)/

iemand bang of onrustig maken Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontrust
jij / je ontrust
hij / zij / het ontrust
wij / we ontrusten
jullie ontrusten
zij / ze ontrusten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontrustte
jij / je ontrustte
hij / zij / het ontrustte
wij / we ontrustten
jullie ontrustten
zij / ze ontrustten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontruste
jij / je ontruste
hij / zij / het ontruste
wij / we ontrusten
jullie ontrusten
zij / ze ontrusten
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontrustte
jij / je ontrustte
hij / zij / het ontrustte
wij / we ontrustten
jullie ontrustten
zij / ze ontrustten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontrust
jullie (archaïsch) ontrust

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontrusten
Tegenwoordig deelwoord
ontrustend
Voltooid deelwoord
ontrust

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary