HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontrollen — definition

Conjugation of ontrollen

Regular CEFR B2
ˌɔntˈrɔ.lə(n)

iets dat opgerold is afwikkelen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontrol
jij / je ontrolt
hij / zij / het ontrolt
wij / we ontrollen
jullie ontrollen
zij / ze ontrollen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontrolde
jij / je ontrolde
hij / zij / het ontrolde
wij / we ontrolden
jullie ontrolden
zij / ze ontrolden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontrolle
jij / je ontrolle
hij / zij / het ontrolle
wij / we ontrollen
jullie ontrollen
zij / ze ontrollen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontrolde
jij / je ontrolde
hij / zij / het ontrolde
wij / we ontrolden
jullie ontrolden
zij / ze ontrolden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontrol
jullie (archaïsch) ontrolt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontrollen
Tegenwoordig deelwoord
ontrollend
Voltooid deelwoord
ontrold

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary