HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontregelen — definition

Conjugation of ontregelen

Regular CEFR C2
ˌɔntˈreː.ɣə.lə(n)

de regelmaat of goed geregelde werking verstoren in het bijzonder van systemen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontregel
jij / je ontregelt
hij / zij / het ontregelt
wij / we ontregelen
jullie ontregelen
zij / ze ontregelen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontregelde
jij / je ontregelde
hij / zij / het ontregelde
wij / we ontregelden
jullie ontregelden
zij / ze ontregelden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontregele
jij / je ontregele
hij / zij / het ontregele
wij / we ontregelen
jullie ontregelen
zij / ze ontregelen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontregelde
jij / je ontregelde
hij / zij / het ontregelde
wij / we ontregelden
jullie ontregelden
zij / ze ontregelden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontregel
jullie (archaïsch) ontregelt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontregelen
Tegenwoordig deelwoord
ontregelend
Voltooid deelwoord
ontregeld

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary