HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontpitten — definición

Conjugation of ontpitten

Regular CEFR B2
/ˌɔntˈpɪ.tə(n)/

een vrucht van zijn pit of pitten ontdoen Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontpit
jij / je ontpit
hij / zij / het ontpit
wij / we ontpitten
jullie ontpitten
zij / ze ontpitten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontpitte
jij / je ontpitte
hij / zij / het ontpitte
wij / we ontpitten
jullie ontpitten
zij / ze ontpitten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontpitte
jij / je ontpitte
hij / zij / het ontpitte
wij / we ontpitten
jullie ontpitten
zij / ze ontpitten
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontpitte
jij / je ontpitte
hij / zij / het ontpitte
wij / we ontpitten
jullie ontpitten
zij / ze ontpitten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontpit
jullie (archaïsch) ontpit

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontpitten
Tegenwoordig deelwoord
ontpittend
Voltooid deelwoord
ontpit

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary