HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontkronen — definition

Conjugation of ontkronen

Regular CEFR B2
ˌɔntˈkroː.nə(n)

to dethrone, to remove an authority from power Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontkroon
jij / je ontkroont
hij / zij / het ontkroont
wij / we ontkronen
jullie ontkronen
zij / ze ontkronen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontkroonde
jij / je ontkroonde
hij / zij / het ontkroonde
wij / we ontkroonden
jullie ontkroonden
zij / ze ontkroonden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontkrone
jij / je ontkrone
hij / zij / het ontkrone
wij / we ontkronen
jullie ontkronen
zij / ze ontkronen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontkroonde
jij / je ontkroonde
hij / zij / het ontkroonde
wij / we ontkroonden
jullie ontkroonden
zij / ze ontkroonden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontkroon
jullie (archaïsch) ontkroont

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontkronen
Tegenwoordig deelwoord
ontkronend
Voltooid deelwoord
ontkroond

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary