HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontgraten — definición

Conjugation of ontgraten

Regular CEFR B2
/ɔntˈɣraːtə(n)/

van graten ontdoen (vis) Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontgraat
jij / je ontgraat
hij / zij / het ontgraat
wij / we ontgraten
jullie ontgraten
zij / ze ontgraten
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontgraatte
jij / je ontgraatte
hij / zij / het ontgraatte
wij / we ontgraatten
jullie ontgraatten
zij / ze ontgraatten

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontgrate
jij / je ontgrate
hij / zij / het ontgrate
wij / we ontgraten
jullie ontgraten
zij / ze ontgraten
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontgraatte
jij / je ontgraatte
hij / zij / het ontgraatte
wij / we ontgraatten
jullie ontgraatten
zij / ze ontgraatten

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontgraat
jullie (archaïsch) ontgraat

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontgraten
Tegenwoordig deelwoord
ontgratend
Voltooid deelwoord
ontgraat

Más conjugaciones

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary