HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontfriezen — definition

Conjugation of ontfriezen

Regular CEFR B2

to make less Frisian Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontfries
jij / je ontfriest
hij / zij / het ontfriest
wij / we ontfriezen
jullie ontfriezen
zij / ze ontfriezen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontfriesde
jij / je ontfriesde
hij / zij / het ontfriesde
wij / we ontfriesden
jullie ontfriesden
zij / ze ontfriesden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontfrieze
jij / je ontfrieze
hij / zij / het ontfrieze
wij / we ontfriezen
jullie ontfriezen
zij / ze ontfriezen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontfriesde
jij / je ontfriesde
hij / zij / het ontfriesde
wij / we ontfriesden
jullie ontfriesden
zij / ze ontfriesden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontfries
jullie (archaïsch) ontfriest

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontfriezen
Tegenwoordig deelwoord
ontfriezend
Voltooid deelwoord
ontfriesd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary