HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontdoen — definition

Conjugation of ontdoen

Regular CEFR C1
ˌɔntˈdun

een aanhangsel of eigendom verwijderen van iets Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontdoe
jij / je ontdoet
hij / zij / het ontdoet
wij / we ontdoen
jullie ontdoen
zij / ze ontdoen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontdeed
jij / je ontdeed
hij / zij / het ontdeed
wij / we ontdeden
jullie ontdeden
zij / ze ontdeden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontdoe
jij / je ontdoe
hij / zij / het ontdoe
wij / we ontdoen
jullie ontdoen
zij / ze ontdoen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontdede
jij / je ontdede
hij / zij / het ontdede
wij / we ontdeden
jullie ontdeden
zij / ze ontdeden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontdoe
jullie (archaïsch) ontdoet

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontdoen
Tegenwoordig deelwoord
ontdoend
Voltooid deelwoord
ontdaan

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary