HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontdagen — definition

Conjugation of ontdagen

Regular CEFR B2
ˌɔntˈdaː.ɣə(n)

to lose daylight, to become dark, become dusk Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontdaag
jij / je ontdaagt
hij / zij / het ontdaagt
wij / we ontdagen
jullie ontdagen
zij / ze ontdagen
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontdaagde
jij / je ontdaagde
hij / zij / het ontdaagde
wij / we ontdaagden
jullie ontdaagden
zij / ze ontdaagden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontdage
jij / je ontdage
hij / zij / het ontdage
wij / we ontdagen
jullie ontdagen
zij / ze ontdagen
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontdaagde
jij / je ontdaagde
hij / zij / het ontdaagde
wij / we ontdaagden
jullie ontdaagden
zij / ze ontdaagden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontdaag
jullie (archaïsch) ontdaagt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontdagen
Tegenwoordig deelwoord
ontdagend
Voltooid deelwoord
ontdaagd

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary