HomeServicesBlogDictionariesContactSpanish Course
← ontaarden — definition

Conjugation of ontaarden

Regular CEFR B2
ˌɔntˈaːr.də(n)

overgaan in iets verkeerds Ver definición completa →

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd (o.t.t.)
ik ontaard
jij / je ontaardt
hij / zij / het ontaardt
wij / we ontaarden
jullie ontaarden
zij / ze ontaarden
Verleden tijd (o.v.t.)
ik ontaardde
jij / je ontaardde
hij / zij / het ontaardde
wij / we ontaardden
jullie ontaardden
zij / ze ontaardden

Aanvoegende wijs (archaïsch)

Aanvoegende wijs — tegenwoordig
ik ontaarde
jij / je ontaarde
hij / zij / het ontaarde
wij / we ontaarden
jullie ontaarden
zij / ze ontaarden
Aanvoegende wijs — verleden
ik ontaardde
jij / je ontaardde
hij / zij / het ontaardde
wij / we ontaardden
jullie ontaardden
zij / ze ontaardden

Gebiedende wijs

Gebiedende wijs
jij ontaard
jullie (archaïsch) ontaardt

Onbepaalde vormen

Infinitief
ontaarden
Tegenwoordig deelwoord
ontaardend
Voltooid deelwoord
ontaard

Practice in context

Fill in the verb in real sentences — correct answers count toward the table above.

Practice this verb →

More conjugations

Explore the Nederlands dictionary

Look up any Dutch word for definitions, equivalents in 94 languages, and more.

Open Dictionary